Onderzoek: Nederlandse bi-activisten over hun vroegere ervaringen en hoe de bi-beweging is verschraald

Onderzoek: Nederlandse bi-activisten over hun vroegere ervaringen en hoe de bi-beweging is verschraald

Begin september concludeerde dr. Emiel Maliepaard (Atria) in zijn onderzoek dat de Nederlandse bi-beweging tegenwoordig nog maar klein is, terwijl dat in de jaren negentig heel anders was. Wat is er gebeurd, wat zijn de boodschappen van vooraanstaande bi-activisten en welke lessen trekt Bi+ Nederland? Opdat we niet vergeten en een collectief bi-geheugen behouden.

Het onderzoek is gebaseerd op interviews met vooraanstaande bi-activisten sinds de jaren negentig. Centraal staat de ontwikkeling – en verschraling – van de bi-beweging en de persoonlijke verhalen van bi-activisten.

De Nederlandse bi-beweging kenmerkt zich door een scala aan lokale en landelijke organisaties, initiatieven en netwerken. De afgelopen 25 jaar was het Landelijk Netwerk Biseksualiteit (LNBi) ‘het vlaggenschip’. Dit jaar gaat het LNBi op in People Pride Platform.

Bi-organisaties en activiteiten kunnen allerlei functies hebben. Ze vormen een vrijplaats van hetero of homo/lesbisch gerichte culturen. Mensen kunnen gelijkgestemden ontmoeten. Of samen politiek actief zijn en zich inzetten voor meer acceptatie of zichtbaarheid. Uit het onderzoek blijkt dat de bi-beweging vroeger vooral gericht was op het elkaar ondersteunen en onderlinge uitwisseling. Later gingen sommige bi-organisaties – soms naast hun sociale functie – ook een politieke agenda voeren en zich (ook) presenteren als belangenorganisatie. Enkele bi-activisten signaleerden dat door de groeiende aandacht voor het politieke en maatschappelijke zichtbaarheid, de ontwikkeling van een bi-gemeenschap af en toe ondergesneeuwd raakte. Een belangrijke les voor Bi+ Nederland, die zich nadrukkelijk op zowel het politieke als het sociale richt.

Uit de interviews met bi-activisten blijkt dat er voor bi-organisaties en netwerken overlap kan zijn met andere LHBT+-organisaties en bewegingen, en ook met de BDSM, swingers, kink, en polyamorie scenes. Bi-organisaties staan soms voor de keuze hoe ze zich hierin willen positioneren en hoe inclusief ze willen zijn. Samenwerking met LHBT+-organisaties heeft altijd plaatsgevonden, al kon er ook wel spanning zijn met (nationale) organisaties met een sterk mononormatieve cultuur. Homo-organisaties en bewegingen voelen niet altijd als een thuishaven voor biseksuele mensen en volgens enkele bi-activisten zijn biseksuele mensen die hierin actief zijn niet vanzelfsprekend open over hun biseksualiteit.

Maliepaard concludeert dat de bi-beweging in Nederland kleiner is geworden, terwijl dat in andere landen zoals Duitsland en het Verenigd Koninkrijk niet het geval is. Hij eindigt met drie aanbevelingen: 1) bi-organisaties dienen een balans te vinden tussen politieke activiteiten en sociale activiteiten gericht op de eigen achterban; 2) capacititeitsvergroting en professionalisering is belangrijk; 3) bi-organisaties dienen ‘een heldere en positieve visie en doelstellingen te formuleren die leidend zijn.’ Er is behoefte aan een “blije bi”, in het licht van negatieve beeldvorming van de zielige of slachtoffer bi. De BiBoot bij de Canal Parade van Pride Amsterdam wordt als een positief voorbeeld genoemd van een kortdurende activiteit.

Bi+ Nederland neemt de aanbevelingen ter harte en bouwt met trots voort op alles wat de bi-beweging al heeft bereikt.

Opvallend: wel ‘gay, lesbian and transgender’ in VN-speech van koning, maar geen ‘bisexual’ of ‘bi+’

Opvallend: wel ‘gay, lesbian and transgender’ in VN-speech van koning, maar geen ‘bisexual’ of ‘bi+’

Op 25 september 2019 sprak koning Willem-Alexander de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York toe.

In zijn toespraak sprak hij de hoop uit dat de trend om de rechten van homo’s, lesbiennes, transgender personen en andere minderheidsgemeenschappen op te nemen in wetgeving van meer landen zich doorzet.

Inderdaad een goeie zaak: hoe meer landen de rechten van sekse, gender en seksuele minderheden beschermt, hoe beter! En inderdaad, zoals de koning zegt: ‘De strijd tegen zowel openlijke als verborgen discriminatie moet op alle continenten doorgaan.’

Maar dat bi+ mensen niet genoemd werden in deze speech, was aanleiding tot veel discussie bij de oprichters van Bi+ Nederland.

Las de koning per ongeluk over het woord ‘bisexuals’ heen, of was de schrijver van de speech vergeten dat ongeveer 1 miljoen bi+ mensen alleen al in Nederland uitmaken van de ‘minority communities’? Of sprak hij niet over rechten van bi+ mensen omdat al hun rechten al geregeld zijn?

In Nederland wordt dit najaar wetgeving aangepast omdat een anti-discriminatiewet sprak van ‘hetero- of homoseksuele gerichtheid’. Dit wordt nu veranderd naar ‘seksuele gerichtheid’. Het COC berichtte hierover op 19 juli.

Veel beter natuurlijk, maar de vraag blijft: bestaat er eigenlijk wetgeving expliciet op gebied van bi+, of is dat (om wat voor reden dan ook) helemaal niet nodig?

Wat of wie is eigenlijk ‘bi+’ ?

Wat of wie is eigenlijk ‘bi+’ ?

Heel in het kort: ben je niet monoseksueel, dan ben je bi+

Iemand is bi+ als hij/zij/hen valt op meer dan één geslacht/gender.

Dat kan heel uitgesproken als in mensen die zich heel nadrukkelijk bi, pan of queer noemen, maar het kan ook subtieler als mensen die ‘een beetje bi’ zijn, bischierig, of er gewoon geen naam aangeven.

Als we het hebben over mensen met bi+ gevoelens en ervaringen, dan gaat het over een hele brede en diverse groep mensen die (ooit) romantisch en/of seksueel aangetrokken is (geweest) tot meer dan alleen één geslacht of gender. 

Bi+ kan een identiteit zijn, maar veel mensen met bi+ gevoelens en ervaringen zien dat niet zo. Voor sommige mensen is het een leuke verrassing dat ze zich ook goed voelen bij iemand waar ze volgens de eigen seksuele oriëntatie niet op zouden vallen, voor anderen is het niet meer dan natuurlijk dat ze op een persoon vallen en niet in eerste plaats op een geslacht of gender, voor weer anderen overheerst verwarring en schaamte.

Bi+ gevoelens en ervaringen kunnen allerlei vormen aannemen: De zelfbenoemde hetero vrouw die het leuk vindt om een andere zelfbenoemde hetero vriendin uit te nodigen om samen een man te verwennen. De zelfbenoemde homo man die in een darkroom ineens een vrouw tegenkomt. De biseksuele man die een relatie met een vrouw heeft en daarnaast soms in het geheim seks met mannen. Uitgesproken pan, bi-curious, queer en hetero-flex jongeren die niet in hokjes denken. De hetero jongen die alleen nog maar porno kijkt van trans vrouwen met piemels. Het lesbische meisje dat opeens een relatie krijgt met een trans man. De hetero man die ineens merkt dat hij stapelverliefd is op zijn voetbaltrainer. Mensen die de liefde overkomt en er gewoon voor openstaan.

Van mensen in een relatie die schaamtevol zoeken hoe ze vorm kunnen geven aan hun behoeften en fantasieën, tot mensen in een open relatie die elkaar ruimte geven om seksueel en romantisch te blijven ontdekken.

Van mensen die alleen op mannelijkheid of vrouwelijkheid vallen, tot mensen die volledig genderblind zijn en zich aangetrokken voelen tot bepaalde persoonlijkheden ongeacht de gender. Van mensen die heel bewust juist met alle soorten genders intiem willen zijn, tot de avonturiers die fantaseren over orgies waar gender helemaal niet meer aan de orde is. Enzovoort.

Hoewel bi+ dus op allerlei manieren voorkomt, delen mensen met bi+ gevoelens en ervaringen dat deze seksuele oriëntatie in de samenleving weinig zichtbaar is en positieve beeldvorming vaak tekort schiet.

Voor vrijwel iedereen geldt de vraag: ‘Hoe zullen anderen reageren als ik hier open over ben?’ ‘Begrijpen anderen mijn gevoelens, fantasieën en ervaringen of moet ik mezelf steeds weer uitleggen en verantwoorden?’ ‘Krijg ik te maken met vooroordelen?’ ‘Word ik nog serieus genomen door mijn vrienden, familie, collega’s en partner?’

Vanuit Bi+ Nederland bepleiten we ‘meer ruimte voor iedereen’. Wij houden niet van belemmeringen die mensen beperken in hun liefde, lust en fantasieën.

1 miljoen raadsels: identiteit, aantrekking en gedrag

1 miljoen raadsels: identiteit, aantrekking en gedrag

Ongeveer 1 miljoen volwassen Nederlanders zijn bi+, maar een klein deel benoemt zich ook daadwerkelijk bi

Voor onderzoekers is het altijd een uitdaging: hoe kom je erachter of iemand bi+ is. Vraag je er direct naar? Of vraag je met een omweg?

Een heel helder voorbeeld hiervan is het onderzoek Seksuele Gezondheid in Nederland van Rutgers uit 2017

Daarin werd gevraagd naar hoe mensen zichzelf identificeren, maar er werd ook gevraagd waar ze op vielen (dus tot wie ze zich tot aangetrokken voelden) en of ze ooit seks hadden met een seksegenoot.

Hier de resultaten:

Zoals je ziet heb je drie verschillende uitkomsten hier. Waar 2% van de vrouwen, en 3% van de mannen zich biseksueel noemt, geeft zo’n 9% van de vrouwen aan zich niet uitsluitend tot één geslacht aangetrokken te voelen, net als iets minder dan 5% van de mannen. 8% van de mannen heeft ooit seks gehad met een andere man, en 10% van de vrouwen ooit met een andere vrouw.

Omdat het hier over een redelijk sample gaat van volwassen respondenten, kunnen we hier best wat losse conclusies aan verbinden.

17 miljoen Nederlanders, waarvan 15 miljoen boven de 18. Maakt dat net iets minder dan 375.000 mannen zich in meer of mindere mate aangetrokken voelt tot mannen én vrouwen. En maakt dat ongeveer 675.000 vrouwen zich in meer of mindere mate aangetrokken voelen tot mannen én vrouwen.

Het ongemak van een mononormatieve maatschappij

Het ongemak van een mononormatieve maatschappij

In een mononormatieve samenleving heb je maar twee keuzes: of je valt op vrouwen, of je valt op mannen.

Nog niet zo lang geleden vonden mensen het raar of ongewoon als je op het eigen geslacht viel, inmiddels zijn we het er in Nederland over eens dat homoseksualiteit een normaal menselijk verschijnsel is en homo’s en lesbiennes er gewoon bijhoren. Dat is een goeie zaak, maar het maakt het voor mensen die niet hetero, homo of lesbisch zijn soms wel lastig om uit te leggen dat zij níet monoseksueel zijn.

Daarnaast worden de laatste jaren traditionele gedachten over wat vrouwelijk en mannelijk is flink opgeschud door mensen die helemaal geen zin hebben in het binaire gedachtengoed. Mensen bepalen zelf wel of ze mee willen doen aan het toneelstuk ‘man/vrouw’. Met het verschuiven van traditionele genderrollen, kiezen mensen zelf wel hoe ze zich uiten en benoemen. Mensen blijken baas over eigen gender!

Dit alles maakt dat de mononormatieve samenleving aan het piepen en kraken is. De zekerheid dat iedereen óf in het hokje man óf in het hokje vrouw viel is aan het verdwijnen. Met alle gevoelens van verlies en rouw ten gevolg. Maar het geeft ook nieuwe kansen! Een kans om werkelijk divers en inclusiever te zijn.

Niet iedereen valt alleen maar op één geslacht of gender. Dat was nooit zo. Zelfs niet in het binaire tijdperk dat nu langzaamaan vervangen wordt door een tijd waarin verschillende soorten genders of non-genders meer geaccepteerd wordt.

In Nederland zijn ongeveer 1 miljoen mensen niet monoseksueel.

Misschien noemen deze mensen zich hetero en hebben ze een heel net burgerlijk bestaan, maar deze mensen weten van zichzelf dat ze ook wel eens op het eigen geslacht vallen, of op een gender dat ze nog niet kenden. Dit kan liefde of lust zijn. Of misschien een fantasie die op onbewaakte momenten naar boven komt.

Misschien zijn het mensen die altijd al wisten dat ze geen voorkeur hadden voor een geslacht of gender, zolang er maar een klik was tussen hen en de ander. Dan kon alles gebeuren.

Misschien zijn het mensen die altijd op zoek zijn naar nieuwe avonturen, en zich niks aantrekken van wat anderen daar van vinden. Maar zelfs dan…

Als de norm voorschrijft dat je alleen verliefd mag worden op mannen of op vrouwen, dan worden mensen die buiten deze norm vallen er altijd aan herinnerd dat ze ‘anders’ zijn.

Mensen met bi+ gevoelens en ervaringen weten dat ze buiten de norm opereren omdat ze continue het gevoel hebben zichzelf uit te moeten leggen, en het risico lopen om afgewezen te worden door vrienden, familie en partners als ze hun gebrek aan monoseksualiteit opbiechten.

Vaak wordt gezegd: “Goh, bi’s zie je zelden!” of “Je hoort er weinig over, ze zijn niet echt zichtbaar.” Wat niemand zich realiseert is dat ongeveer 1 miljoen volwassen Nederlanders geen zin hebben om steeds te moeten uitleggen dat ze niet in het mononormatieve plaatje vallen. Misschien moeten we daar mee aan de slag!