bi+ en werk portretverhaal: Carol

Vrouw (zij/haar), veertiger, zorgsector

‘Ik kan laten zien: het kan ook anders’

Ongemak vanuit het onbekende

Sinds een jaar ongeveer ben ik er op het werk open over dat ik biseksueel ben. In eerste instantie reageerde iedereen wel goed, maar hoe meer je in gesprek komt daarover, hoe meer ik een onderlaag voelde. Ik heb heel open zitten vertellen over hoe mijn man en ik dit vorm geven: we hebben een polyamoreuze relatie, omdat ik ook echt verlang naar een connectie met een vrouw zoals ik die met mijn man heb. Dan krijg ik soms hele directe opmerkingen als ‘Ik vind het allemaal wel ingewikkeld’ of ‘Ja, misschien moet je toch kiezen’. Ik heb het idee dat er naar mij gekeken wordt alsof ik maar wat zit aan te klooien en een leuke tijd heb met Jan en alleman. Er wordt best snel geoordeeld en er is een bepaald ongemak. Dat wordt niet altijd uitgesproken, maar het is wel voelbaar. Ik denk dat het ongemak komt vanuit het onbekende en dat het vaak als iets seksueels gezien wordt. Als een collega vraagt ‘Ja, maar mag je partner dan ook buiten de deur?’ dan gaat het gelijk alleen maar om seks. Zo’n vraag is dan veelzeggend.

‘Er wordt best snel geoordeeld en er is een bepaald ongemak. Dat wordt niet altijd uitgesproken, maar het is wel voelbaar.’

Vragen

Zo krijg ik ook vaker de vraag of ik nog wel seks heb met mijn man. Mensen denken nu dat ik alleen op vrouwen val en niet meer op mannen. Ik kan me voorstellen dat mensen zich dat afvragen, maar als je biseksueel bent is dat natuurlijk een beetje een gekke vraag. Aan de andere kant, als we het er nooit over hebben en als ze nooit verder vragen, dan hebben ze geen idee hoe ik het invul. Dan vullen ze het zelf in. Dan krijg ik te horen ‘Ja je kunt niet alles hebben’. Terwijl als ze gewoon even doorvragen, dan kunnen ze hun eigen beeld bijstellen. En er misschien nog iets van opsteken ook.

‘Ik vind het ook prettig als mensen ernaar vragen, mits ze er respectvol mee omgaan.’

Ik vind het ook prettig als mensen ernaar vragen, mits ze er respectvol mee omgaan. Ik gooi graag het gesprek open, mits anderen daarvoor openstaan uiteraard. Dat ik naar hen luister en zij naar mij, en dat ze het proberen te begrijpen zonder oordeel. Dat is een hele andere vorm van in gesprek gaan met iemand. Ik heb ook echt de behoefte om open te zijn, het is mijn identiteit en ik kan niet doen alsof. Dan heb ik het gevoel alsof ik een groot toneelstuk aan het opvoeren ben. Ik merk dat ik steeds meer mensen om me heen verzamel waar ik dit dus mee kan bespreken. En dat zijn vaak de mensen waarmee ik me connected voel. Ook op andere vlakken.

‘Doe maar gewoon normaal’

Een tijd terug ben ik ook uitgevallen op het werk. Ik liep helemaal vast. Ik kon niet functioneren of me concentreren. Toen heb ik eerlijk gezegd tegen mijn leidinggevende wat er speelde, maar dat vond ik wel heel moeilijk. Ik merk dat sommige collega’s en leidinggevenden in eerste instantie heel begripvol zijn, maar dat er uiteindelijk toch een oordeel zit. Er was een collega die zich afvroeg waarom ik er überhaupt voor moest uitkomen dat ik biseksueel ben, want zij zei toch ook niet expliciet dat ze hetero is. Zo eenvoudig is het niet. Ik begrijp dat diegene het goed bedoelt. Maar blijkbaar is het wel nodig, want als ik er niet voor uitkom dan wordt het gesprek nooit gevoerd en kun je dus ook niet jezelf zijn.

Biseksualiteit is blijkbaar iets ongrijpbaars voor veel mensen. Ik snap het wel, ik krijg er soms ook een error van. Dus hoe moeten anderen die dit niet voelen, het begrijpen. Ik leef ook mee met de mensen om me heen…

Van een leidinggevende kreeg ik toentertijd te horen dat ik het maar beter niet kon delen met mijn collega’s en het voor mezelf moest houden. Die opmerking kwam wel binnen. Eigenlijk zei die leidinggevende: ‘Doe maar gewoon normaal’. Misschien bedoelde hij het goed, uit bescherming. Maar het betekent eigenlijk dat het niet helemaal oké is om zo te zijn. Dus dan zeggen ze: ‘Doe je maar anders voor dan je bent’. Dat is eigenlijk gewoon heel ernstig. Maar dit soort opmerkingen sterken mij juist ook. Eerst doet het pijn en daarna komt er een soort van innerlijke power. Ik laat me niet in een positie zetten waar ik niet wil zitten. Gelukkig zijn er ook collega’s geweest waar ik een hele goede band mee heb opgebouwd. Al voordat ik hier openheid over gaf. Wat een enorme steun zijn zij geweest. Dan mocht ik even mijn hart luchten zodat ik de dag door kon komen. En dat konden ze ook bij mij.

Terug mijn schulp in

Ik krijg het aan veel mensen niet uitgelegd en ben ook gestopt om het continue uit te leggen. In het begin had ik vaak het gevoel dat ik iemand anders moest overtuigen. Dat kostte zo veel energie. En het is ook niet nodig. De overtuiging die zit in mijzelf. Ik ben dan wel helemaal mezelf als ik open ben, maar of dat nou positief heeft uitgepakt weet ik niet. Als mensen niet begrijpen dat je in de knoop zit en dat dit ook invloed heeft op je werk, dan wordt het je op een gegeven moment een beetje kwalijk genomen. Ik merkte dat ik daardoor voorzichter werd met dingen delen. Ik trek me dan terug en ga terug mijn schulp in. Ik denk niet dat zij beseffen wat voor effect dat op mij heeft en hoe bijzonder het eigenlijk is dat ik me zo kwetsbaar durf op te stellen.

Behoefte aan open-minded sfeer

Ik heb deels daarom ook besloten om te stoppen met mijn werk. Het was noodzaak om het roer om te gooien. Het heft in eigen handen te nemen en mezelf niet passend willen maken in iets wat niet meer past. Ik heb mezelf enorm ontwikkeld de afgelopen jaren en mijn werk ontwikkelt niet mee. Ik heb behoefte aan een andere cultuur en omgeving. Bijna iedereen heeft het huisje, boompje, beestje en dat heb ik eigenlijk ook, maar ondertussen ziet mijn leven er eigenlijk anders uit dan dat het er van buiten uitziet. Ik heb behoefte aan een meer open-minded sfeer.

Niet verstoppen

‘Wat ik niet wil is dat ik me moet gaan verstoppen omdat anderen het ongemakkelijk of moeilijk vinden. Waarom zou ik dat moeten doen? Daar ben ik eigenlijk te trots voor.’

Uiteindelijk heb ik ook niet in de hand hoe anderen op mij reageren of wat ze daarvan vinden. Wat ik niet wil is dat ik me moet gaan verstoppen omdat anderen het ongemakkelijk of moeilijk vinden. Waarom zou ik dat moeten doen? Daar ben ik eigenlijk te trots voor. En misschien vind ik het stiekem ergens ook wel leuk om een beetje te provoceren en andere mensen misschien op andere gedachten te brengen. Want doordat ik open ben zijn sommige mensen ook open over dingen die ze anders niet zouden vertellen. Dus het heeft ook een hele positieve kant. Doordat ik me kwetsbaar opstel krijg ik ook vaker verhalen te horen van anderen. Ik kan laten zien dat we niet altijd in die hokjes te hoeven zitten, het kan ook anders.

De toekomst

Die maak ik zelf. Samen met mijn prachtige gezin en mooie mensen om ons heen. Door de struggle die er is te omarmen. En terugkijkend naar een aantal jaren terug en waar ik nu sta. Het klopt weer.